Welkom bij de podcast van het Podcastfestival 2021. Dit festival vond plaats van 23 t/m 26 september in Groningen, Amsterdam, Nijmegen en Utrecht. In deze podcast hoor je een selectie van de programmering terug.

In deze aflevering hoor je de premiere van dat dus. een nieuwe fictiepodcast die wordt uitgegeven bij Hard//hoofd.

Ineke van de Podcastclub gaat in deze aflevering in gesprek met makers Dennis Gaens, Martin Rombouts en Jozien Wijkhuis. Samen luisteren we naar een speciale ‘0’ aflevering. 

[Het transcript is live opgesteld en kan dus fouten bevatten. Zie je er een? Laat het ons weten door te mailen naar info@podcastnetwerk.nl]

Goedenavond. Mijn naam is Ineke en welkom bij een speciale aflevering van de Podcastclub! Een hele speciale vandaag want we hebben vandaag een première van een podcast en we zijn in Tivoli op een podcastfestival. Ik wil graag mijn gasten  introduceren. Kom maar deze kant op. Een applausje!
 Dat was wel een applaus waard. Jullie zitten goed? Wij introduceren onze gasten aan de hand van: stel jezelf maar voor. En geef maar een tip, een podcast tip. Martin.
– Ik ben Martin Rombouts. Ik ben ooit opgeleid tot schrijver in Arnhem. Mijn afstudeer werk werd begeleid door Dennis. Dennis is een oud docent. Ik maaktheater. En ik schrijf poëzie. En proza.
 en welke podcasts?
– podcast Capital.  dat is een Britse podcast over Groot-Brittannië, dat met minimaal verschil de doodstraf weer heeft ingevoerd in plaats van de Brexit. En 4 jonge ambtenaren moeten dit gaan uitvoeren. 4 komieken. En met Harry Enfield  als minister van capital punishmen.t
– ik ben  Jozien Wijkhuis. Ik ben 32. Ik ben een podcast ingerold door Dennis. Doordat we een keer op een feestje waren eigenlijk.  Dennis weet het niet meer. Maar het is zo. En ik maakdocumentaire podcast. Maar ook fictie. Ik schrijf ook proza en ik werk als journalist. Ik wilde dus ook Capital  zeggen. Maar die had Martin al.  Mijn favoriete podcast verder is een podcast van Gimlet.  maar daar is maar 1 seizoen van gemaakt.
– En jij bent de overkoepelende, verbindende factor, Dennis?
– Ja, ik  heb ook theatershows gemaakt en zelfs een literaire boyband  heb ik ingezeten.  Ik zou toch Imaginary Advice  willen tippen. Van een Britse dichter. Die eigenlijk elke keer probeert iets anders te doen met radiofictie. Ook iemand die we hebben gesproken in de ontwikkeling van dit traject.
– Tof. Voor de mensen die het misschien niet weten, jullie vormen ook een soort trio. Hoe zijn jullie bij elkaar gekomen?
– Zij vroegen mij…
– Ja..
– Dus jullie waren allenduo en Martin kwam erbij?
– ja, Dennis en ik zijn wel een duo.
– We zaten op een terras.
 We wilden radiofictie maken.  En toen zei iemand:  we willen meer fictie op ons platform. Dien een plan in. En zo hebben we dat gedaan. Toen hebben we dat plan ingediend. Maar konden dat niet met zijn tweeën doen. We hadden een talentvolle schrijver nodig. En toen hebben we Martin erbij gevraagd. Gelukkig maar.
– Ik was de hele tijd aan het repeteren met de boyband!
– dus zo ging het.
– Oké, ik snap het. De mensen in de zaal hebben een koptelefoon gekregen. We gaan vandaag naar een speciale 0- aflevering luisteren. Wie kan daar iets over vertellen? Het is speciaal voor vanavond gemaakt. Om een indruk te geven?
– in de serie volg je 3 vrienden, Niek, Jos en Robin. En je volgt die personages. En we vonden het een beetje suf om met zijn drieën te gaan zitten om het verhaal van een iemand te laten vertellen.  dus we hebben een speciale 0 aflevering gemaakt. Dat afwijkt  van de serie.  Mensen hebben koptelefoons omdat een deel, eigenlijk alles, binauraal  is gemaakt. Dat is eigenlijk heel simpel:  het bootst na hoe je geluid hoort. Het is meer dan steriel. Je hoort het niet alleen van links en rechts maar ook van voor en achter.
– En alle struggles  daaromheen wil ik straks ook van jullie horen. We gaan zo meteen luisteren. Dus ik vraag iedereen of ze de koptelefoon willen opzetten. En of wij er ook 1 mogen. – Of 4.
– Martin wil er 4.
 Dan is het aan Dennis om het startschot te geven voor  de aflevering.
 Ben je er klaar voor?  3, 2, 1…
[NIEK, JOS EN ROBIN STAPPEN UIT EEN AUTO]
ROBIN: Zullen we nog ergens wat gaan drinken?
JOS: Nou da’s goed.
NIEK: Kan.
ROBIN: Maar…
NIEK: Eh ja, ja maar Stella is dicht.
ROBIN: Eh Stella is voor altijd dicht volgens mij.
JOS: Is voor altijd dicht?
NIEK: Oh echt?
ROBIN: Ja, op de website staat dat eh corona flink heeft huisgehouden.
NIEK: Heeft ‘ie die longcovid?
JOS: Oh dat is mooi kut.
ROBIN: Nou hij had sowieso long de hele tijd alles verbouwen, dus ik denk dat daar ook al…
NIEK: Hij verbouwde echt alles de hele tijd ook hè?
ROBIN: Weet je nog dat ’ie die kleioven had en op het moment dat dat ding klaar was,
heeft ie hem ook weer afgebroken.
JOS: Was dat gewoon het concept?
ROBIN: Ja, weet ik niet.
JOS: Altijd onderweg ergens naar.
ROBIN: Hij liep wel altijd met zo’n toolbelt rond.
JOS: Ja.
ROBIN: Hij was altijd wel iets aan het verbouwen.
JOS: Misschien moest ie dat verantwoorden en had ie daarom altijd iets openliggen.
ROBIN: Maar dat hele park is ook leeggehaald, is niet eens meer een terras daar.
JOS: Echt?
ROBIN: Dus.
JOS: Staat dat kunstwerk er nog wel met die boom? Is dat een boom?
ROBIN: Die onderste… of die zwevende boom.
JOS: Ja.
ROBIN: Weet ik eigenlijk niet. Denk het niet. We kunnen naar ‘t Moortgat gaan.
NIEK: Oh ‘t Moortgat, nee dat gaan we niet doen.
JOS: Nou ja, nou ja het is meer als we daarheen gaan dan moet ik ook eigenlijk gewoon bier drinken hè?
ROBIN: Dat is wel de bedoeling.
JOS: Het is wel een beetje vroeg voor bier’, vind je niet?
NIEK: Ze hebben wel koffie.
ROBIN: Niet in ‘t Moortgat.
JOS: Ja, maar dat is, ja dat is leuk voor de alcoholisten aan de bar daar.
ROBIN: Ehm… Ik had daar laatst ook wel trouwens zuur bier, dat niet de bedoeling was zuur te zijn.
JOS: Ah.
ROBIN: Dus misschien is het niet zo’n goed idee. Maar ik lust wel bier.
NIEK: Van wilde gisten.
ROBIN: Nou van wilde… wat er ook in de leidingen zit daar.
JOS: Ja. Heb je nu al… ja?
NIEK: Nu al bier?
ROBIN: Ja, waarom niet?
NIEK: Ja, weet ik ook niet.
JOS: Ik dacht, we gaan even koffiedrinken of zo.
ROBIN: En ik heb straks alleen nog maar een hele saaie vergadering.
NIEK: Er is ook niet echt iets anders dat een goede rating krijgt.
JOS: Ben je nu ratings…
We horen toch zelf wel iets te kunnen bedenken zonder de ratings daarvan op te zoeken?
NIEK: Maar we weten toch niks?
JOS: Ja.
ROBIN: Is Bar Groen niet open?
NIEK: Oh even kijken, hoor.
ROBIN: Misschien zelfs die binnentuin. Ze hadden altijd die pizzaoven.
JOS: Ja.
NIEK: He, daar is het wel gelukt met die pizzaoven.
JOS: Die hebben ze niet gelijk weer afgebroken.
ROBIN: Ja.
NIEK: Het zou open moeten zijn zeggen ze.
JOS: Nou ja, is goed. Vind ik wel leuk.
NIEK: Ja tot 17.00 uur.
ROBIN: Zijn er eigenlijk kroegen waar jullie ruzie mee hebben?
JOS: Ehm nee. Nee, ik geloof het niet.
ROBIN: Ik vond wel dat je heel kritisch was over ‘t Moortgat.
NIEK: Wel kroegen waar ik niet meer kom.
JOS: Oh maar ik vind, Moordgat heeft z’n charme,
maar ik wil gewoon nu… het is gewoon niet het soort bar waar je koffie bestelt.
Nee, ik heb geen ru-…  ik zou wel ruzie met kroegen willen hebben. Er zouden kroegen zijn die het verdienen.
[GELUID VAN EEN DRUK RESTAURANT]
JOS: Weet je wat het mooiste moment van mijn dag is?
Het moment dat de laatste gast de deur uit gaat, ik een wijntje kan inschenken,
een sigaret opsteek en vijftien minuten een paar pagina’s uit een boek kan lezen
zonder rusteloos rond te lopen.
Ik stel mijn pauze altijd uit tot het einde, tussen het sluiten en het schoonmaken.
Mijn personeel weet dat en laat me gewoon even doen.
Die rust bereik ik alleen dan of in de eerste minuten na goede seks,
maar goed, die is een stuk moeilijker te vinden tegenwoordig.
Er is niets mooiers dan een lege zaak en een lichaam dat te vermoeid is om gedachten af te maken.
Iedere dag is mijn werk echt even áf, zeg maar.
Wie heeft dat nou?
Natuurlijk is er administratie, zijn er leveranciers, moeilijke gasten, maar toch.
Gisteren kreeg ik weer iemand aan m’n bar die de vraag stelde.
De vraag wat nou mijn ‘echte’ werk was.
Of studie.
Al zeggen ze dat laatste tegenwoordig steeds vaker een beetje twijfelend.
Het is al erg genoeg dat dit altijd gebeurt op familiefeestjes,
het hoeft niet ook nog te gebeuren als ik aan het werk ben.
Of als ik met Robin en Niek ergens heenga en zij erover beginnen.
‘De horeca is veel te hard werken voor veel te weinig geld.’
Ik ga nooit een huis kunnen kopen zo, dat weet ik wel,
en qua auto is dit het ook wel denk ik.
ik heb daar meestal vrede mee, soms niet, het is wat het is.
Ik weet niet of het voor meer mensen zo is.
Dat ze weten dat dit het is, voor hen, maar alles om hen heen verandert wel.
De kroegen in Arnhem, bijvoorbeeld.
Als ik ijsblokjes ga lenen bij de tent naast ons restaurant,
krijg ik vaak te maken met een 18-jarige die nauwelijks weet waar je wel of geen ijs in hoort te doen.
Mijn drankje na het werk drink ik niet meer ergens anders, altijd gewoon bij ons aan de bar,
in de rest van de stad ken ik het personeel nauwelijks meer.
Als de plekken waar ik vroeger kwam überhaupt nog bestaan.
[GELUID VAN DRUK RESTAURANT VERDWIJNT,
WE STAAN WEER BUITEN MET NIEK, JOS EN ROBIN]
ROBIN: maar we kunnen nog wel eh…
We kunnen ook gewoon bier halen en in het park gaan zitten.
NIEK: Ja.
ROBIN:Dat heb ik echt al lang niet meer gedaan.
NIEK: Ja, en ze hebben toch ook wel van die koude toch? Ja.
ROBIN: Ja.
JOS: Ja, dat hebben ze. Wil je dat doen?
NIEK: Hebben ze een Spar? Hebben ze het–
ROBIN: Waarom houden waarom houden mensen ermee op?
Zeg maar, waarom is dat op een gegeven moment niet meer acceptabel?
Er is toch een grens dat je een soort van puber bent en–
JOS: Ja.
ROBIN: Bier in het park drinkt tot alcoholist op een bankje.
Waar zit dat verschil?
NIEK: Mensen zien het aan je hè?
JOS: Ja, ik weet ja.
NIEK: Je kunt niet meer gewoon zeg maar gewoon echt gaan zitten zitten,
dat zien mensen gewoon aan je broek.
ROBIN: Wat?
JOS: Nou ik wil ja–
ROBIN: Aan je broek?
NIEK: Dat zien mensen aan je broek.
Ja, dat je dan zeg maar zo iemand bent die daar heeft gezeten.
JOS: Ah…
NIEK: Hè dus een beetje omdat je natte vlekken hebt zo eh of een beetje gras.
JOS: Nee.
ROBIN: Je hebt het nu–
NIEK: Jawel, dat zijn wel mensen zeg maar ook zo op hun knieën gaan zitten.
JOS: Ik denk niet dat iemand–
ROBIN: Ik weet niet als je op je knieën bier gaat zitten–
JOS: Nee!
ROBIN: …drinken in het park of dat er beter uit ziet.
JOS: Ik denk echt niet dat iemand behalve jij erover nadenkt eerlijk gezegd.
NIEK: Ja jawel, dat staat gewoon heel slecht. Je ziet het meteen aan iemand.
ROBIN: Niet met deze broek, die heb ik van eh van een Kickstarter
en dat is gewoon allemaal… alles wordt er afgeweerd,
het is eigenlijk ook bijna nooit gewassen.
NIEK: Daarom ben je nu ook niet op kantoor gekomen toch? Ook niet op casual Friday.
ROBIN: Nou, ze hebben hem ook in lange versie en dan ziet die er best netjes uit.
NIEK: Vinden ze dat oké bij de gemeente?
ROBIN: Ik werk niet bij de gemeente, Niek.
NIEK: Maar bij de provincie vinden ze het daar wel oké? Nee toch of wel?
[GELUID VAN EEN TREINCOUPÉ VANBINNEN]
ROBIN:Je zou denken dat het een keuze is. Of op zijn minst ergens ooit een keuze was.
Zo’n moment waarop alles terug te voeren is.
Dat hoor je mensen zeggen in interviews, toch?
Naast ‘het zat er eigenlijk altijd van jongs af aan in’ is er altijd een beslissend moment,
een belangrijke ontmoeting, een bijna ongeloofwaardig toeval.
Als ik erover nadenk waarom ik nu ben waar ik ben, wie ik ben,
dan lukt het me niet om het terug te voeren op zo’n moment.
En toch geloofde ik altijd in alles.
Eerst in het lesgeven, toen in het beleid.
Ik geloofde in samenwonen met Esther. In het koophuis.
In het groentepakket en later in HelloFresh.
In het nooit een rijbewijs hoeven, maar een degelijke fiets
en een vrij-reizen abonnement dat deels vergoed wordt door de baas.
In de museumjaarkaart en de cinevillepas.
In de sportschool. In één keer per week goed uit eten.
In dat dat allemaal genoeg zou zijn.
Volgens Jos heb ik ‘ja’ gezegd tegen hoe mijn leven eruit nu uitziet toen ik een hypotheek nam.
Dan moet je wel, zei ze.
Niek heeft weleens gezegd dat ik die keuze gemaakt heb toen ik ervoor koos
Om DOCENT beeldende kunst te gaan studeren in plaats van gewoon Fine Arts.
Ik denk dan: maar die keuze kun je toch niet toevertrouwen
aan een jongen die net van de middelbare school komt?
En toch: ik weet ook dat ik toen al dacht:
‘maar ik moet toch ook gewoon geld gaan verdienen’.
Dus ja, misschien klopt het, dat het er altijd in zat, maar heb ik nooit echt dat beslissende moment gehad.
[GELUID VAN TREINCOUPÉ VERDWIJNT,
WE STAAN WEER BUITEN MET NIEK, JOS EN ROBIN]
ROBIN: Nou ja, dat is ook zoiets: teenslippers.
Vanaf een bepaalde leeftijd kun je dat eigenlijk ook niet meer maken tenzij je op vakantie bent toch.
JOS: En toch doen heel veel mensen het nog.
Ik moet in het restaurant weleens gewoon ook tegen het personeel zeggen dat dat niet verstandig is.
ROBIN: Nee.
JOS: Nog los van dat het er niet uit ziet; de hete thee.
ROBIN: Fusten.
JOS:Fusten. Ik dacht aan de hete thee omdat mij dat een keer overkomen is.
ROBIN: Ja, met teenslippers?
JOS: Nee, niet met teenslippers maar wel–
NIEK: Is geen woordgrap toch?
JOS: Nee.
NIEK: Oké.
JOS: Dat is gewoon wat er gebeurd is.
NIEK: Ja ja.
JOS: Over mijn arm.
ROBIN: Maar mogen jouw… mag jouw personeel geen korte broek aan als ze komen werken?
NIEK: Dat doen ze gewoon niet.
ROBIN: Oh oké, dat doen ze gewoon niet.
JOS: Dat heeft ie al non-verbaal afgedwongen.
NIEK: Dus ik weet niet wat ze doen als ze thuiswerken hè.
ROBIN: Ja, dan zie je toch maar tot eh–
NIEK: Ja, dan mogen ze doen wat ze willen wat mij betreft.
ROBIN: Zo netjes… zo’n blouse met een met een stropdas en dan verder niks aan.
NIEK: Ja. Ik weet niet… denk je, denk je dat ze harder zouden werken
als ze als ze gewoon een korte broek aan mochten?
We hebben gewoon airco toch?
ROBIN: Ja, ik weet niet. Want is er een soort dresscode dan?
NIEK: Nee, ja het is meer gewoon iets wat groeit. Het is… ja, dat doen ze gewoon niet.
ROBIN: Ja.
NIEK: Maar wel T-shirts of zo hè. Spijkerbroekje.
ROBIN: Wit T-shirt… Zo’n wit lang T-shirt en een spijkerbroek, dat zo stel ik mij–
NIEK: Zwart–
ROBIN: …al jouw personeel voor.
NIEK: Zwart ook wel, hoor.
JOS: Een zwart lang T-shirt en een spijkerbroek.
NIEK: Ja.
JOS: Ah. Dat is casual Friday?
ROBIN:En een witte spijkerbroek?
NIEK: Eh nee, geen witte spijkerbroeken nee. Nee.
Hé ik zal het eens over hebben met ze.
Misschien willen ze wel iets anders.
[STRAATGELUIDEN, PRATENDE MENSEN, FIETSERS EN AUTO’S RIJDEN VOORBIJ]
NIEK: Ja, nee, natuurlijk is het hier niet het gedroomde vestigingsklimaat.
Dat hoor je mij ook helemaal niet zeggen.
Maar die gasten op die conferenties die beginnen daar altijd weer over.
Die nemen een stukje van de waarheid en … blijven dat dan maar gewoon herhalen
Net zolang totdat het een soort van,
tot het een soort van waarheid ís of heel waar vóélt. Terwijl…
Het is ook gewoon maar een verhaal.
Het is hier nog wel gewoon Nederland, toch?
We hebben hier gewoon… gewoon breedband.
We hebben hier gewoon een Pathé, en een schouwburg.
Je staat vanaf hier toch ook gewoon in een uurtje in de Fast Track op Schiphol.
Er gaat hier ook gewoon elk kwartier een trein.
Er staan hier gewoon middelbare scholen.
Er is hier ook gewoon een klas met achterin een bankje
met daaraan een jongetje dat goede cijfers haalt,
niet eens zo heel hard gepest wordt
omdat hij de andere kinderen z’n huiswerk laat overschrijven.
Of een meisje, die zie je ook wel.
En die gaan dan studeren op de HAN of in Nijmegen
of Wageningen of Utrecht op de universiteit en dan blijven ze op en neer reizen
want zo makkelijk is het niet om daar een betaalbare kamer te vinden, laten we eerlijk zijn.
Daar gaat het steeds over in het nieuws?
Ik krijg elke week wel zo’n CV in de mailbox.
Omdat ik redelijk betaal. Omdat ik goede stageplekken aanbied.
Omdat ik mensen laat zien dat het niet hóéft, naar de Randstad,
omdat ik het levende voorbeeld daarvan ben, van dat het hier ook kan.
Ik haal het maximale uit mezelf.
Ik haal het maximale uit mijn stad.
Ik verspil geen druppel talent.
Die gasten op die conferenties… die doen net alsof je voor een succesvol bedrijf
een half miljoen hoogopgeleiden op fietsafstand moet hebben wonen.
Wat een onzin.
Ik heb achttien medewerkers.
Ja en goed contact net de programmeurs in India, gewoon via internet.
Dat is wat je nodig hebt in de stad. Achttien medewerkers.
En een paar goede vrienden die ook niet wegverhuizen.
En een de kroeg waar je dus af en toe een biertje kan drinken.
Meer heb ik niet nodig.
[STRAATGELUIDEN VERDWIJNEN,
WE STAAN WEER BIJ NIEK, JOS EN ROBIN]
NIEK: Ik noem het ook niet echt personeel hè.
JOS: Maar er was nog geen probleem toch?
Hebben we hier nu een moet is het nu iets waar je het met je personeel over moet hebben?
NIEK: Team.
JOS: Met je team over moet hebben?
NIEK: Ehm nou ik weet niet, misschien willen ze wel iets anders.
JOS: Nou misschien, dan moeten ze dat aangeven toch?
NIEK: Misschien kunnen ze gewoon–
ROBIN: Misschien willen ze wel helemaal geen apps meer maken.
NIEK: Is dat wat wij doen ja?
ROBIN: Ja toch, het is toch een soort app?
NIEK: Eh ja het is wel een soort app, net zoals jij een soort van bij de gemeente werkt.
ROBIN: Ik werk niet bij de gemeente.
JOS: Maar goed, wat gaan we nu doen?
ROBIN: Bier drinken.
JOS: Ja, waar?
ROBIN: Ja, ik zeg gewoon in het park.
NIEK: Ik vind het goed.
JOS: Ja, prima. Kunnen we gelijk eventjes Nieks broektheorie testen.
NIEK: Ik zit–
ROBIN: Ik geloof die theorie nog niet helemaal.
JOS: Ik ook niet.
ROBIN: Dus ik weet niet of ik hem kan testen.
JOS: Ik vind hem ook onzin, maar…
NIEK: Nou ja, je gaat het zo meteen wel zien.
JOS: Ik ga echt niet op mijn knieën bier zitten drinken joh–
NIEK: Wacht, wacht maar, kijk zo kijk zo meteen maar.
JOS: Ah joh.
NIEK: Maar als de mensen in het restaurant vanavond kijken zo van huh huh hè.
JOS: Nou ik kleed me toch nog om sowieso.
NIEK: Oké, nee dat maakt niet uit.
JOS: Ja.
APPLAUS
De champagne. Om dit feestelijke moment een klein beetje te vieren.
 Inhoudelijk was dit het!
Hopen dat we niks raken.
– Wat lief.
[PLOP!]
 Alle lampen hangen nog.
 Supertof  dat we de première hebben mogen horen. Er miste alleen wat hoog in de mix. Maar supertof.
– We hebben het niet onder een deken . Opgenomen
– ik was benieuwd, jullie hebben alle 3 een eigen personage gemaakt. Misschien is het leuk, wie heeft het  geschreven en verzonnen?
– Zal ik beginnen?
Nou ja…
Mijn personage heet Jos.
 ze is restaurantmanager. Ze is 30. Ze woont alleen in Arnhem ze heeft eigenlijk een beetje het idee, wat ze zegt in deze aflevering, dat dit het een beetje is. En daar probeert ze in vrede mee te komen. Ze moet ook accepteren dat dit het is. In de basis vind het wel oké. Iedereen is weg verhuisd . Verder van de studie. En ze heeft zoiets van: dan is dit het. Ze probeert haar oké mee te zijn.
 En de andere personages hebben een les in volwassenheid.
 Martin?
 Ik fantaseer graag over dat ik allerlei andere keuzes heb gemaakt in mijn leven. Dat als ik een andere jeugd had gehad, dat ik allerlei andere dingen had gedaan. Dat ik een soort variatie op mezelf heb bedacht die ooit iets van ITC uitvinding heeft gedaan en daar een heel bedrijf van heeft gemaakt. En niemand begrijpt precies wat hij heeft gedaan.
– Maar is dit ook allemaal fantasie of kan dit ook nog komen? Die variant van jezelf?
-Eh..  Het komt wel een beetje voort vanuit  het feit dat het straks niet meer kan. Ik ben 29 geworden. Misschien is het wel te laat.
– Je bent wel een app aan het maken toch?
–  nou, dat idee…
 er is ook een  aflevering dat Niek…  een aflevering over walvis jagen. Hij wil die App targeten  op rijke mensen. Hij heeft zelf  een jeugd gehad op een economisch lager niveau. En hij willen app  maken dat je walvisjager bent.  en mensen die heel veel geld uitgeven in App,  die noemen ze whales.  en hij wil eigenlijk dat geld afhandig maken om dan te investeren tegen echte walvisjagers. Dat idee probeer ik een beetje uit te voeren maar of dat gaat lukken is de vraag.
– Dennis, jouw personage?
–  Mijn personage is Robin, de oudste van de 3.
 En hij wilde iets in de cultuur doen. Hij werkte voor de stichting,  door de provincie ingehuurd en uitgevoerd. Zijn vrienden wisten dat niet eens. Hij had een koophuis met een vriendin maar dat is uitgegaan. En nu heeft hij een huis maar helemaal geen meubels.
– Ik ga eerlijk met jullie zijn. Ik heb het voorrecht gehad om al 3 afleveringen te mogen luisteren.
– Dat wisten we wel.
– Ik kreeg heel erg het gevoel…  ik zit heel veel in de trein bijvoorbeeld. Dan luister je ook veel gesprekken af. En dan dat je zegt, mijn vrienden weten niet wat mijn werk is. Dat deed me heel erg denken aan Chandler van Friends.  het klinkt ook een beetje van:  ik mag het niet luisteren.  Alsof je niet echt deel uitmaakt van die groep. Dat gevoel kreeg ik een beetje. Is dat ook een beetje wat je als luisteraar moet ervaren of wat je wil overbrengen? Of is het anders?
– Ik denk het wel. Dennis noemde het al een beetje. We waren heel erg geïnspireerd door een Netflix serie. Dit genre wordt door mensen mumblecore  genoemd. Heel erg geënt op dialoog. Ik vind het zelf een eerlijke manier van binnenkijken bij mensen. De dingen..  je hoorde de monoloog net al.  De personages. Je hoort, we leggen niks uit op dat moment. En dat vind ik een hele eerlijke manier van een verhaal overbrengen. We hebben zelfs geëxperimenteerd met een echte luisteraar de vierde in  ruimte te laten zijn, dat bleek ingewikkeld en raar.  Dennis heeft op den duur ook bij verschillende mensen opgestuurd van: laat eens weten wat je hiervan vindt. Michiel had bijvoorbeeld de microfoon laag gehouden.  Hij hoorde dat. We hebben dit geprobeerd in het begin.
– Misschien moet je even iets uitleggen.
– In de audio?
– Mumblecast.  dat willen we eigenlijk gaan introduceren. Een slimme samentrekking Van mumblecore en podcast. Easy,  die Netflixserie,  het ziet er uit alsof het lowbudget gemaakt is. Maar het streeft na:  dit is erg op dialoog en improvisatie gebouwd en niet op plot.  Maar deze vorm hebben wij ook gekozen. Je ziet ook dat de personages..  er is wel een resolutie in de derde akte waarin alles goed komt of niet. En een van de citaten die heel leidend was voor ons was:  verhalen zeggen vaak dat alles gebeurt voor een reden en ik wil juist laten zien dat het niet zo is. En ik wilde dit ook in de vorm van de personages naar voren laten  komen. Mumblecast dus.
– En dat wil je in dit gesprek openbaren. Als je het over plot hebt…  Het heeft lang geduurd voordat dit in première ging. Maar er was ook een partij betrokken die is afgehaakt juist omdat er geen plot was? Terwijl dat juist het hele idee was?
– Er zat weinig plot in ons plotloze verhaal.
– dus dat is ook een soort verhaal op zich.
–  Ik vind het wel leuk om hierover na te denken. Hoe je dingen op een andere manier interessant kunt maken. We vertellen gewoon iets niet. Terwijl het bij plot wel de bedoeling is. En dat het dus ook kan door: ik voel me gezellig bij deze mensen. Ik voel mij onderdeel bij deze mensen. Ik voel me hier thuis. Deze sfeer. Omdat iets van betekenis over te brengen.
– Moet ik dit noemen
– het was het NPO fonds.
– ze willen garanties. Want jullie hebben 6 afleveringen. Wat gaat er gebeuren? Waar komen we uit? En ze komen nergens uit! Ze komen trouwens wel ergens uit, hoor.
– Er gebeuren wel dingen.
–  Uiteindelijk…  ik wil niet zeggen dat we een Overarching plot hebben gemaakt…  maar we konden dat niet weggeven. En binnen de Nederlandse audiofictie,  we konden die garantie niet vinden. Dus dat was op dat moment geen match.
– We hebben ook de monologen van tevoren geschreven, maar de dialogen hebben we allemaal geïmproviseerd. Waardoor ze ook niet precies wisten wat er ging gebeuren. Soms dan praten ze hierover maar uiteindelijk gebeurt er dit. Daarin vonden we ook weer dingen vervolgens waardoor we de monoloog herschreven. En dan halen we eruit wat er goed is en wat er gebeurt.
– Artistiek gezien, waren jullie het alle 3 wel eens?
–  Nou, ik denk dat we allemaal dat experiment wilden aangaan. We wisten ook gewoon niet…  ik denk dat wij een lang gesprek hebben gehad. Eerst namen we de monologen op locatie op. In de stad. Maar toen we dat terugluisteren, toen klonk het alsof je achteruit liep in de stad..
– Het klonk net alsof iedereen achteruit liep..
– We dachten dat het leuk was. Maar dat werkt helemaal niet in audio. Je mist de informatie, die visuele informatie. En we dachten, hoe gaan we dat oplossen? Sowieso jammer van al die opnamedagen. Dat je met die ik gewoon door de stad hebt gelopen. Maar ik denk ook dat we…  inhoudelijk had iedereen zijn eigen personage en dat gaf vrijheid.
– Uiteindelijk moet je wel concessies doen. We hadden liever gehad dat we door de winkelstraat hadden gelopen. Maar als dat gewoon niet gaat moet je een  andere oplossing kiezen.
– Het klassieke hoorspel is geïnspireerd op theater. Je ziet in Amerika dat dingen meer op film gebaseerd zijn. Maar wat kun je doen als je andere plekken gaat zoeken. Als je van memoires steelt. Of als je van vlogs steelt,  dat is moeilijk, want je mist de visuele informatie. Dus we hadden discussies over de vorm.  als we iets loslaten, wat kunnen we dan voor beeld neerzetten.
– En zijn we dan nog wel een hoorspel.
– Het  eerste idee was dat het  door acteurs zou worden ingesproken.
– Er zijn ook wel andere mensen bij. Gasten.
–  wordt oorspronkelijke  plan bij het NPO Fonds  was dat er acteurs  het zouden inspreken. Maar dat hebben we uiteindelijk niet willen doen.
– Met 3 acteurs erbij heb je alweer 6 acteurs. En die hebben allemaal een tarief. En dan zit je al snel aan een hoop geld.
–  Volgens mij begon het op dat terras waar we het hebben bedacht.
–  Daar was vast een reden voor.
– In dat soort gesprekken, waarin je het hebt…
– ik zei ook heel vaak  ‘dus dat’.
–  en toen kwam ook nog de podcast Dit Dus  van de EO.
– en toen dachten we :  we noemen het Dit Is.
–  We hadden ook wel een logo. Dat is door het NPO fonds betaald.
– Ik had met mijn moeder,  ik had haar stiekem een aflevering laten luisteren. En ze zei: wat ik zo bijzonder vind van de podcast is dat jullie taalgebruik zo anders is als dat ik dat doe. Omdat jullie de hele tijd bezig zijn met van die  weasel words.  of zo, beetje dit, weet je dat, zoiets. Dat je niet zegt van:  het klopt niet wat je zegt, inderdaad, het klopt niet wat je zegt.  Het eromheen draaien, ze vond dat typerend voor onze generatie.
– Nog verdere interessante familie analyses?
– mijn moeder heeft het nog niet gehoord. Man, het is fictie!
Mijn personage heet Jos.  En nu denkt mijn familie misschien…
– Zijn de karakters een beetje autobiografisch?
–  natuurlijk wel een beetje. Maar je neemt vrijheden. Het is wel belangrijk dat mensen weten dat ik het niet ben. De details kloppen al niet.
– Wij zijn geen acteurs. Dus de keuze om afscheid te nemen van de acteurs om het voor een kleiner budget te kunnen maken,  betekende dat de personages wat dichter tegen ons zouden leunen. Zodat we ze  overtuigend konden spelen. Zodat we onszelf konden zijn.
– We hebben ook mensen in de zaal. Ik ben benieuwd of er mensen zijn die een vraag hebben voor de makers. Er is iemand met een microfoon. Er kan een hand worden opgestoken als er vragen zijn. Daarachter is een vraag?
– Welke dingen hebben jullie erbij bedacht om jullie podcast personages  te maken?
– Er komen geen grote helden in voor of zo. Het zijn hele gewone mensen ook.
 Ik heb wel de ervaring dat ik net iets te lang bij een baan heb gezeten waar ik niet meer wist wat ik daar aan het doen was. Dat heb ik wel heel erg aangedikt natuurlijk. Maar verder weet ik niet. Misschien is het voor jullie anders?
– Wat ik wel mooi vond,  in het panel podcast kritiek,  iemand heeft er al over wat mogen zeggen. Maar wat ik van die recensie heb onthouden is dat ze schreef: het is een generatie waarin alles belangrijk is. Elke keuze die je doet. Je hebt alle opties gehad. En dat heeft Jos wel meer dan ik zelf nog. Het gevoel van: maar ik had zoveel opties. En dat heb ik denk ik wel wat sterker aangezet dan het voor mezelf is. Maar ik vond wel mooi dat ze dat eruit haalden. Wat je zei, mensen zijn al interessant van zichzelf. Alles is belangrijk of zo. In het universum. De koffie die Robin drinkt of het feit dat Niek aan Robin heeft gevraagd om te komen werken en dat Robin dat niet wilde.
– De verschillende koffie roasts  die je kiest zeggen iets over je persoonlijkheid, over hoe wie je bent. Over hoe je in de wereld staat.
– Je citeert nu het  personage letterlijk.
–  Er waren wel van die gekke ideeën, zoals mijn idee over de app  van het walvis.  Maar het leuk is wel dat ik een ideetje had bedacht. Maar mijn personage zei:  ik heb iets bedacht en dat is heel slim. Dus moet het bestaan. En dat is wel een soort uitvoerdrang van ideeën.
– Zijn er verder nog mensen met een vraag?
–  Als je inderdaad een nieuw audiofictie genre aan het maken bent…  je had het over artistieke verschillen.  maar hoe kom je dan met zijn drieen  tot een gedeeld ideaalbeeld van wat het moet worden?
– Tijdsdruk!  volgens mij hebben we heel veel gepraat daarover. We hebben ook veel heidagen gehad. Neem iets mee  wat je interessant vindt. Volgens mij was het die regisseur van Killing Eve,  hoe heet zij?  in ieder geval, een van de regisseurs zei:  ik vraag al mijn mensen om met ideeën te komen. Mijn cameramensen etc.
 Martin kwam met het idee van de Vlogs.  hoe werkt dat en zo. En daar zoek je wel een midden in. En door die  dialoogscènes, daar moesten we samen iets in vinden. Dat er een soort connective tissue was.
– Maar we wisten ook heel duidelijk samen wat we niet wilden.  Dat bleef ons wel een bepaalde kant op. Je wil iets maken…  het lijkt een beetje alsof ik zit te zeiken,  maar we hadden een paar klassieke dingen die we in dit project juist niet wilden doen.
– We wilden iets maken wat er gewoon nog niet was. Zoiets. Dat is dan ook niet per se negatief. Maar ik hoorde laatst een rapper zeggen: je moet nadenken over wat er niet wordt gemaakt. En of dit het dan is weet ik ook niet. Maar het was er nog niet denk ik. En dat is heel tof. Want je hebt iets nieuws gemaakt.
– En zijn jullie een beetje benieuwd naar alle reacties die straks komen?  volgens mij gaan alle 12 afleveringen in 1 keer online?
– nee, deze 0 aflevering kun je na afloop terugluisteren. En aflevering 1  is morgen beschikbaar. En dan elke week verschijnen er 2. En het wordt over 6 weken verdeeld. Ik vind het heel erg spannend.
– Dat kan ik begrijpen.
– Ik ben natuurlijk gewend op een podium te werken of met tekst. En dat is zo anders dan met audio. En terwijl ik aan het editen was dacht ik, ik had daar wel een zinnetje tussen gewild. Maar dat kan niet meer! Terwijl dat met tekst altijd wel kan.  Zinnetjes wegstrepen of woordjes in de kantlijn erbij. Ik ben benieuwd of dat mij gelukt is, wat ik heb geprobeerd.
– je kan ook niet meer oefenen. Je kan geen dingen meer schrappen.
– Je kan het wel 2 keer opnemen maar dat is toch anders. Je hebt minder directe controle over het eindproduct.
– Is er nog iemand uit de zaal met een prangende vraag?
–  volgens mij hebben we het gehad over mensen van de NPO  die ons niet hebben geholpen, maar er zijn ook mensen die ons wel hebben geholpen, zoals Hard/hoofd.  Waarmee we de podcast ook samen hebben uitgebracht.  En het Nederlands letterenfonds,  die ons een deel van de vergoeding schiet maar hebben gesteld, Schakel 025.   Daan van Haren die onze muziek heeft gemaakt.
– En de mensen die ons hier al jaren over horen zeuren!
– Dank je wel, Pablo!
–  Ik ben ook heel erg benieuwd. Vanaf morgen is het dus live.
– Wat vond jij ervan?
– Nee nee nee…
–  Nou, ik ben heel erg benieuwd. Dennis heeft het me toegestuurd. Ik ben ook heel erg benieuwd…  ik vroeg van, hoe kan het zich ontwikkelen? Kun je een nieuw seizoen maken met die personages?  Omdat het niet echt een plot heeft kan dat dus wel.  Ik ben benieuwd hoe ze zich onderling gaan verhouden.
– Er is genoeg plot om seizoen 2 te gaan maken. Dus als iemand ons geld wil geven..?
– Ik heb wel het idee dat het personage  nog een beetje doorleeft. Een beetje schizofreen.  ook een beetje doordat dingen die ik heb…  meegemaakt zoals mijn moeder die ziek werd afgelopen jaar, dat zit ook een beetje in de podcast en in mijn personage. Maar alle andere dingen daaromheen die ik meemaak, dan denk ik soms toch ook: hoe zou Niek dit verwerken?
– Dan had je misschien toch met acteurs moeten werken.
– Maar dat is toch wel leuk?
– Ik vind het alleen maar leuk om jullie te horen!  maar dat is mijn persoonlijke mening. We zijn gewoon benieuwd hoe het af gaat lopen. En of er een vervolg komt.
– Ik hoop het.
– Ik hoop dat jullie…   ik vond het hartstikke leuk om de eerste aflevering te horen.
– Dank je wel!
[APPLAUS]
Dit was vanuit Tivoli de aflevering en ook het einde van het Podcastfestival. Vanaf morgen is de podcast te beluisteren. Willen jullie nog namen of links
 noemen?
– nu te vinden in je favoriete podcast app!
– Allemaal heel erg bedankt.
– Nogmaals groot applaus!

Bedankt voor het luisteren! Het Podcastfestival 2021 is een initiatief van het Podcastnetwerk en wordt mede mogelijk gemaakt door het Stimuleringsfonds voor de Creatieve Industrie, Fonds 21, het Prins Bernhard Cultuurfonds, the European Cultural Foundation, Het Nederlands Letterenfonds, de gemeentes Nijmegen, Utrecht en Groningen en het Internationaal Bezoekersprogramma van Het Nieuwe Instituut. Het programma wordt gepresenteerd in samenwerking met PodGront, Forum Groningen, Tolhuistuin, Are We Europe, De Nieuwe Oost //Wintertuin en het International Literature Festival Utrecht (ILFU). De muziek werd gemaakt door the MysteriousBreakmaster cylinder.

Vergeet je niet te abonneren op de Podcastfeed, want er komen nog meer afleveringen aan. Vond je het wat waard? Doneer dan aan het Podcastnetwerk via petje.af/podcastnetwerk

[/av_section]